Obex Kennisdag 2026 – Woensdag 25 maart, Doorwerth – dé dag over brandveiligheid en BHV. Meer info
Nog
000 dagen
00 uren
00 min
00 sec

De manier waarop een gebouw wordt ingericht en aangekleed is de afgelopen jaren sterk veranderd. Dit komt onder andere door steeds meer gebruik te maken van synthetische en/of brandbare materialen. Uit diverse onderzoeken is geconcludeerd dat dit bij brandsituaties kan resulteren tot een snellere brand- en rookontwikkeling en een significante toename van bij verbranding vrijkomende toxische stoffen. In deze nieuwe kennispublicatie duiken we in de regelgeving omtrent het brandveilig gebruik van een gebouw.

De inrichting van vluchtroutes, en de goederen die hierin staan, fungeren bij een noodsituatie als obstakels. Met name voor de gemeenschappelijke vluchtroutes van wooncomplexen heeft dit een negatieve invloed op de vluchtveiligheid van bewoners. Als recent voorbeeld kan de fatale brand in de gemeenschappelijke verkeersruimte van een woongebouw in Arnhem worden benoemd, waarbij in de nieuwjaarsnacht van 2020 twee personen als gevolg van een in brand geraakt bankstel in de centrale hal om het leven zijn gekomen. Het houden van toezicht op de inrichting en aankleding van de vluchtroutes is in de praktijk lastig, controles betreffen immers momentopnames. Als gevolg van een dynamisch gebruik kan de situatie dagelijks variëren.  

Wet- en regelgeving   

De brandveiligheid binnen bouwwerken waaronder woongebouwen is grotendeels verankerd in de Woningwet en het, vanuit deze wet aangestuurde uitvoeringsbesluit: het Bouwbesluit 2012. In dit Bouwbesluit is beschreven op welke wijze de brandveiligheid bouwkundig, installatietechnisch en  organisatorisch moet zijn ingericht.  

Vanuit de in de Woningwet opgenomen zorgplicht wordt de eigenaar primair verantwoordelijk gesteld voor de (brand-)veiligheid binnen het gebouw, echter heeft de gebruiker ook verantwoordelijkheden. Hieromtrent dienen afspraken in de huurovereenkomst te worden vastgelegd (‘goed huurderschap’). Overeenkomstig het Burgerlijk Wetboek is de huurder immers verplicht ‘zich ten aanzien van het gebruik van de gehuurde zaak als een goed huurder te gedragen’ (artikel 7.213 BW).   

Hierbij dient te worden vermeld dat de verantwoordelijkheid door de eigenaar in de huurovereenkomst niet kan worden ‘weg-gecontracteerd’. Uit jurisprudentie is gebleken dat de eigenaar van het gebouw tevens verantwoordelijk is om toezicht te houden op de naleving van de in de huurovereenkomst opgenomen afspraken tussen huurder en verhuurder.  

Naar verwachting wordt in het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL), dat van kracht wordt op 1 januari 2024, een artikel opgenomen betreffende brandbare opslag in vluchtroutes.

Brandveilig gebruik  

Voorschriften op gebied van brandveilig gebruik zijn beschreven in hoofdstuk 7 van het Bouwbesluit. In dit hoofdstuk van het Bouwbesluit zijn een tweetal zogenaamde ‘kapstokartikelen’ opgenomen (artikel 7.10: Restrisico brandgevaar en ontwikkeling van brand & artikel 7.16 Restrisico Veilig vluchten bij brand). Middels deze artikelen heeft het bevoegd gezag de mogelijkheid om in een specifiek geval in te grijpen wanneer het brandveilig gebruik onvoldoende gewaarborgd is (ook indien het gebruik op zich voldoet aan de voorschriften vanuit het Bouwbesluit 2012). Zo wordt in artikel 7.10 gesteld dat het verboden is een bouwwerk zo te gebruiken dat brandgevaar wordt veroorzaakt of dat bij brand een gevaarlijk situatie wordt veroorzaakt. 

Aanvullend hierop wordt in artikel 7.16 gesteld dat het gebruik van een bouwwerk niet mag leiden tot een situatie waarbij  

Indien het gebruik van een gebouw resulteert in een onveilige situatie heeft het bevoegd gezag de mogelijkheid om op basis van de bovenstaande kapstokartikelen de vergunninghouder hierop aan te schrijven en repressief te handhaven met als doel de onveilige situatie te beëindigen.  

Aanvullend op de voorschriften vanuit het vigerende bouwregelgeving, dient er (indien er arbeid op locatie wordt verricht) tevens rekening te worden gehouden met de voorschriften vanuit de Arbowet. Het gaat vanuit deze wet met name om een veilige en gezonde werkomgeving. Op de vanuit de Arbowet voorvloeiende voorschriften wordt in deze kennispublicatie niet verder op ingegaan. Gebouweigenaren, verenigingen van eigenaren, (buurt-)beheerders, opzichters en bewoners willen wij middels deze kennispublicatie attenderen op onveilige situaties in gemeenschappelijke vluchtroutes met als doel het veiligheidsbewustzijn van deze doelgroep te vergroten. 

Onderstaand zijn een aantal aandachtspunten met betrekking tot de vluchtveiligheid in gemeenschappelijke verkeersruimten opgenomen.

Inventaris, opslag en aankleding in vluchtroutes 

Inventaris en opslag in vluchtroutes mag een veilige ontvluchting niet belemmeren. Dit impliceert dat de hoeveelheid inventaris in gemeenschappelijke verkeersruimten beperkt moet zijn.  Aanvullend hierop wordt regelmatig geconstateerd dat de gemeenschappelijke verkeersruimten (gangen, hallen en trappenhuizen) voor diverse opslagdoeleinden worden gebruikt. Er dient toezicht te worden gehouden op het vrijhouden van vluchtroutes.  

Scootmobielen in vluchtroutes 

Scootmobielen vormen in het kader van de brandveiligheid een groot probleem. Dit door de combinatie van veel kunststof (brandstof) en een laadinrichting (ontstekingsbron). 

Roken en open vuur 

Brand ontstaat in veel gevallen door onvoorzichtig rookgedrag of open vuur (niet afgeschermde warmtebron).  

Elektrische apparaten in vluchtroutes 

Voorwerpen waarin een brand ontstaat betreffen veelal elektrische apparaten. Volgens het onderzoek naar fatale woningbranden 2020 zijn meer dan een kwart van de branden ontstaan in een elektrisch apparaat. 

Toezicht houden en handhaven 

Hierboven genoemde aandachtspunten functioneren alleen als deze worden nageleefd. Dit betekent dat het noodzakelijk is dat bewoners worden geïnformeerd over gemaakte afspraken en dat toezicht worden gehouden op de nalevering hiervan. Bij het constateren van een onveilige situatie dient vervolgens handhavend te worden opgetreden door mensen aan te spreken op hun handelen en gedrag.  

Meer over dit onderwerp?

Om een volledig inzicht te krijgen in de wet- en regelgeving aangaande brandveilig gebruik kan de opleiding Brandpreventiedeskundige 1 worden gevolgd. Tijdens deze opleiding krijgt u een volledig en actueel overzicht van de wet- en regelgeving op juridisch, bouwkundig, installatietechnisch en organisatorisch gebied. Brandveilig gebruik is hier een onmiskenbaar onderdeel van. 

Brafon  kan u ook helpen met een advies over bouwkundige brandveiligheid. Onze consultants zijn gespecialiseerd en kunnen u middels een brandveiligheidsonderzoek een gericht advies geven.